{"id":57448,"date":"2020-05-02T13:25:57","date_gmt":"2020-05-02T13:25:57","guid":{"rendered":"http:\/\/castle-vianden.lu\/?page_id=57448"},"modified":"2020-05-26T08:20:20","modified_gmt":"2020-05-26T08:20:20","slug":"geschichte","status":"publish","type":"page","link":"https:\/\/castle-vianden.lu\/nl\/geschichte\/","title":{"rendered":"Bouwgeschiedenis"},"content":{"rendered":"<div class=\"wpb-content-wrapper\"><p>[vc_row][vc_column]<div class=\"dt-fancy-separator h3-size\" style=\"width: 100%;\"><div class=\"dt-fancy-title\" style=\"color: #ff0000;\"><span class=\"separator-holder separator-left\"><\/span>Bouwgeschiedenis van de burcht<span class=\"separator-holder separator-right\"><\/span><\/div><\/div>[vc_empty_space][vc_column_text]<\/p>\n<h3 class=\"s3\"><span class=\"s2\">De laat-Romeinse vesting<\/span><\/h3>\n<p class=\"s5\"><span class=\"s4\">De rots boven het plaatsje Vianden werd voor het eerst in de laat-Romeinse tijd versterkt. Bij opgravingen die in 1994 aan de voet van de burchtkapel werden verricht, bleek uit vondsten in een secundaire laag dat opstaande delen van het muurwerk van de laat-Romeinse vestingtoren nog tot in de Merovingische tijd bestonden en dat dit vierkante bouwwerk als enig overgebleven bouwdeel uit de laat-Romeinse tijd in de eerste middeleeuwse burcht werd opgenomen.<\/span><span class=\"s4\">Aan een oude verbindingsroute, die als aftakking (\u2018secundaire\u2019 weg) van de Romeinse heerweg tussen Reims en Keulen door de Ardennen, de dalen van de Our en de Sauer en dan via Echternach in de richting van Bitburg en uiteindelijk naar de toenmalige metropool Trier liep, werd in de late oudheid op de kasteelheuvel een eerste vesting aangelegd, vermoedelijk als vluchtburcht die in de dreigende tijden van de Germaanse volksverhuizingen (rond 275 na Chr.) door bewoners van deze streek als toevluchtsoord werd gebruikt. De weinige munten en de vroegste scherven van onbehandeld aardewerk die op deze plek zijn gevonden, dateren uit de laatste decennia van de derde eeuw na Chr. Enkele van de gevonden munten stammen uit de Contantijnse tijd en het midden van de vierde eeuw, toen hier ook de stenen garnizoensvesting verrees, maar het meeste terra sigillata-aardewerk duidt op de periode waarin de pottenbakkerijen van Trier nog in bedrijf waren en op zogenaamde raderwerksigillaten uit de pottenbakkerijen van de Argonne.<\/span><span class=\"s4\">De Romeinse vestingtoren van het castellum in Vianden schijnt na de on<\/span><span class=\"s4\">truiming van de vesting rond 430\/440<\/span><span class=\"s4\"> na Chr. toch nog in gebruik te zijn geweest, want hij bleef ook in navolgende bouwperioden van de burcht op de kasteelheuvel tot in de hoge middeleeuwen bepalend<\/span><span class=\"s4\">.<\/span><\/p>\n<p>[\/vc_column_text][vc_empty_space height=&#8221;20px&#8221;][vc_single_image image=&#8221;57449&#8243; img_size=&#8221;large&#8221; alignment=&#8221;center&#8221; style=&#8221;vc_box_outline&#8221; border_color=&#8221;orange&#8221; css_animation=&#8221;zoomIn&#8221;][vc_text_separator title=&#8221;&#8221; i_icon_fontawesome=&#8221;fas fa-university&#8221; color=&#8221;custom&#8221; add_icon=&#8221;true&#8221; accent_color=&#8221;#fc0000&#8243;][\/vc_column][\/vc_row][vc_row][vc_column][vc_empty_space][vc_column_text]<\/p>\n<h3 class=\"s3\"><span class=\"s2\">De burcht in de vroege middeleeuwen<\/span><\/h3>\n<p class=\"s3\"><span class=\"s4\">Het is waarschijnlijk maar niet geheel zeker dat de vermelding \u2018<\/span><span class=\"s6\">&#8230;in monte Viennense cum vinitore&#8230;<\/span><span class=\"s4\">\u2019 in de akte van schenking van de Villa Epternacus (Abdij van Echternach) door abdis Irmina van Oeren aan bisschop Willibrord in 697\/698 na Chr. betrekking heeft op Vianden. Wel is uit archeologisch onderzoek de periode van de vroege middeleeuwen rond de burcht gereconstrueerd. Uit vondsten in de benedenburcht bleek dat de laat-Romeinse vesting in de vroege middeleeuwen deels opnieuw werd gebruikt. Aardewerk uit de benedenburcht stamt pas weer uit het jaar 700, en vanaf die tijd kan een continue bewoning tot in de hoge middeleeuwen worden aangetoond. Benadrukt moet worden dat de bewoning tussen 430 en 700 door geen enkel overblijfsel is aangetoond. Het is echter zeer waarschijnlijk dat de houten vesting van de benedenburcht mogelijk weer in gebruik is genomen en samen met de nog resterende laat-Romeinse stenen vestingtoren ook in de Frankische tijd opnieuw werd gebruikt.<\/span><\/p>\n<p class=\"s3\"><span class=\"s4\">In de hypothetische reconstructie van de benedenburcht is de plattegrond van de versterkte toegangspoort uit de laat-Romeinse tijd een aantoonbaar gegeven. In de bovenburcht is alleen de stenen vestingtoren aantoonbaar hergebruikt.<\/span><\/p>\n<p>[\/vc_column_text][vc_empty_space height=&#8221;20px&#8221;][vc_single_image image=&#8221;57456&#8243; img_size=&#8221;large&#8221; alignment=&#8221;center&#8221; style=&#8221;vc_box_outline&#8221; border_color=&#8221;orange&#8221; css_animation=&#8221;zoomIn&#8221;][vc_text_separator title=&#8221;&#8221; i_icon_fontawesome=&#8221;fas fa-university&#8221; color=&#8221;custom&#8221; add_icon=&#8221;true&#8221; accent_color=&#8221;#fc0000&#8243;][\/vc_column][\/vc_row][vc_row][vc_column][vc_empty_space][vc_column_text]<\/p>\n<h3 class=\"s3\"><span class=\"s2\">De eerste middeleeuwse stenen burcht<\/span><\/h3>\n<p class=\"s3\"><span class=\"s4\">Rond het jaar 1000 werd op de rots bij Vianden de eerste middeleeuwse vesting opgericht. Het voornaamste onderdeel van dit bouwwerk was een ringmuur op een ovalen grondplan. De zeer zorgvuldig met leisteentjes vermetselde en opgevulde vestingmuur was precies \u00e9\u00e9n meter breed en kon dankzij deze bouwtechniek bijna over de gehele lengte worden versterkt, zoals ook de laat-Romeinse vestingmuur. De droge gracht rond het laat-Romeinse castellum bleef ook in deze tijd in gebruik. De volledig omsloten ruimte van de vesting werd genivelleerd, waarbij men de lager gelegen vestingmuren met steen en aarde ophoogde. Tot dit complex behoorde ook een aula met een bestuurlijke functie en een kapel, die binnen de resterende delen van de laat-Romeinse vestingtoren werd gebouwd. Sporen van permanente bewoning (waterputten, keukens en woonvertrekken) door een aristocratische familie werden voor deze periode niet gevonden. De doorstekende vestingpoort van dit complex is vo<\/span><span class=\"s4\">lledig bewaard gebleven<\/span><span class=\"s4\">. Uit de locatie van de poort in de noordoostelijke vestingmuur boven de bijna loodrechte rotswand blijkt dat de ingang van de burcht alleen was te bereiken via een externe houten constructie aan de <\/span><span class=\"s4\">rotswand.<\/span><\/p>\n<p class=\"s5\"><span class=\"s4\">Begin elfde eeuw werd in de benedenburcht een reeks kwalitatief hoogwaardige stenen huizen gebouwd. In het kader van deze verbouwing werd de ingang naar de burcht versterkt met een stenen toegangspoort. Aan de zuidhoek ontstond in dezelfde tijd het stenen gebouw. Helaas kan uit de schaarse ru\u00efnes die in het huidige buitengoed bewaard zijn gebleven, geen volledige reconstructie van de hoekvesting worden afgeleid.<\/span><\/p>\n<p>[\/vc_column_text][vc_empty_space height=&#8221;20px&#8221;][vc_single_image image=&#8221;57462&#8243; img_size=&#8221;large&#8221; alignment=&#8221;center&#8221; style=&#8221;vc_box_outline&#8221; border_color=&#8221;orange&#8221; css_animation=&#8221;zoomIn&#8221;][vc_text_separator title=&#8221;&#8221; i_icon_fontawesome=&#8221;fas fa-university&#8221; color=&#8221;custom&#8221; add_icon=&#8221;true&#8221; accent_color=&#8221;#fc0000&#8243;][\/vc_column][\/vc_row][vc_row][vc_column][vc_empty_space][vc_column_text]<\/p>\n<h3 class=\"s3\"><span class=\"s2\">De eerste woonburcht rond 1100<\/span><\/h3>\n<p class=\"s3\"><span class=\"s4\">Aan de hand van een nauwkeurige analyse van steenvoegen kon worden vastgesteld dat rond 1100 een vierkante woontoren<\/span> <span class=\"s4\">tegen de noordmuur van de vesting werd aangebouwd. Bij deze werkzaamheden werd de oude aula<\/span> <span class=\"s4\">aan de noordzijde verkort en de zuidwestmuur deels verlaagd. Boven een horizontale voeg, die tegenwoordig nog goed zichtbaar is, werd een nieuwe buitenmuur met kleine vensteropeningen opgericht. In het middelste gedeelte van deze nieuwe aulamuur werd een goed bewaard gebleven latrine verzonken. De langste buitenmuur liep aan de binnenzijde van de burcht en werd bij deze werkzaamheden lichtjes verplaatst richting het nieuwe deurportaal, dat op de centrale lengteas lag. Op de begane grond van de aula zijn uit deze tijd ook een keuken en woonvertrekken (met haarden en latrines) voor een aristocratische familie aangetoond. Vondsten uit de tweede uitbreidingsperiode wijzen er duidelijk op dat het burchtcomplex van Vianden sinds circa 1100 als permanente residentie van de adellijke familie diende. Sinds deze tijd vertoont de grafelijke Burcht Vianden de drie belangrijkste kenmerken van een hoogmiddeleeuwse adelsburcht: een grote zaal (een aula als symbool van wereldlijke macht), slotkapel (een kapel als symbool van kerkelijke macht) en woontoren (een \u2018camera\u2019 als residentie). Tegen de oostelijke rotswand van de benedenburcht werden in deze tijd nieuwe stenen woonhuizen aangebouwd. Vanaf deze tijd (en mogelijk al daarv\u00f3\u00f3r) liep er een smalle weg naar de oostelijke rotswand. Deze rij bouwwerken liep door tot aan de noordoostelijke toren, waarin zich een niet meer bewaard gebleven toegangspoort op het noordoosten bevond. Tot deze bouwfase van de benedenburcht moet ook de toren op een trapezevormig <\/span><span class=\"s4\">grondplan aan het oostelijke uiteinde van d<\/span><span class=\"s4\">e droge gracht worden gerekend.<\/span><\/p>\n<p>[\/vc_column_text][vc_empty_space height=&#8221;20px&#8221;][vc_single_image image=&#8221;57461&#8243; img_size=&#8221;large&#8221; alignment=&#8221;center&#8221; style=&#8221;vc_box_outline&#8221; border_color=&#8221;orange&#8221; css_animation=&#8221;zoomIn&#8221;][vc_text_separator title=&#8221;&#8221; i_icon_fontawesome=&#8221;fas fa-university&#8221; color=&#8221;custom&#8221; add_icon=&#8221;true&#8221; accent_color=&#8221;#fc0000&#8243;][\/vc_column][\/vc_row][vc_row][vc_column][vc_empty_space][vc_column_text]<\/p>\n<h3 class=\"s3\"><span class=\"s2\">De burcht van 1170<\/span><\/h3>\n<p class=\"s3\"><span class=\"s4\">Rond 1170 werd de Burcht Vianden in grootse stijl verbouwd. De bouwdatum kon op basis van bewaard gebleven resten van het steigerhout in de nieuwe woontoren met behulp van dendrochronologisch onderzoek worden vastgesteld (zie afb. 31). Bij deze uitgebreide bouwwerkzaamheden verrees ook een monumentale kapel op een tienhoekig grondplan, met een breed, op het zuidoosten gericht koor. Bovendien werd de oude woontoren door een grotere toren vervangen. De uitbreidingen van de middeleeuwse aula bestonden overwegend uit representatieve bouwdelen, die het monumentale karakter van de aula moesten benadrukken. Al deze bouwdelen (woontoren, zaalbouw, kapel) werden onderling verbonden door een weergang op hoge bogen die langs de veldzijde van de middeleeuwse vestingmuur liep. Zoals eerder opgemerkt, werd de aula voorzien van een eigentijdse bouwplastiek. Zo werd de buitenmuur van de aula, die aan de binnenzijde van de burcht loopt, van geleding voorzien door middel van een voorgeplaatste blinde arcade van zandsteen. Drie bogen van deze arcade zijn ondanks talrijke latere verbouwingen en uitbreidingen bewaard gebleven. Bij deze bouwwerkzaamheden werd de bovenetage van de aula verbouwd. Hier ontstond nu een representatieve zaalbouw met meerdere verdiepingen en een grote open zaal; dit bouwwerk wordt in het Duits een \u2018palas\u2019 genoemd.<\/span><\/p>\n<p class=\"s3\"><span class=\"s4\">Vermoedelijk bevonden zich ook in de hoofdfa\u00e7ade van het zaalbouw (<\/span><span class=\"s6\">palas<\/span><span class=\"s4\">) aan de binnenhof openingen in deze vorm. Voor de twaalfde eeuw is dus een paleis van meerdere etages (<\/span><span class=\"s2\">B<\/span><span class=\"s4\">) met een grote open zaal op de bovenetage aantoonbaar. Als tweede belangrijke bouwwerk bestond al in de vroege twaalfde eeuw een groot, torenachtig woongebouw (Woontoren, <\/span><span class=\"s2\">C<\/span><span class=\"s4\">) met drie verdiepingen. Dit woongebouw is samen met enkele kleinere aanbouwsels tot aan de dakrand bewaard gebleven. De woontoren en het paleis werden onderling verbonden door een voorgeplaatste weergang aan de buitenzijde, in dit gedeelte echter zonder blinde bogen.<\/span><\/p>\n<p class=\"s3\"><span class=\"s4\">Op grond van bouwkundig onderzoek is aangetoond dat langs de hoek aan de binnenhofzijde van het nieuwe woongebouw een schildmuur liep, die de kernburcht afschermde. Het derde nieuwe gebouw dat bij de verbouwing in de vroege twaalfde eeuw ontstond, is de kapel (<\/span><span class=\"s2\">A<\/span><span class=\"s4\">). De locatie van deze sacraalbouw \u2013 op de uiterste punt van de rots \u2013 en de keuze voor een tienhoekig grondplan voor het interieur, met een uitspringend, halfrond koor, getuigt van de neiging tot monumentale architectuur van de bouwheren. De onderste delen van de tegen de rotswand aangebouwde buitenmuren werden van geleding voorzien door middel van nissen en steunberen in hetzelfde ritme als de weergangarcaden. Het gewelf, dat in de hoeken van het schip op pijlers rustte, werd in de centrale lengteas geschraagd door zes zware pilaren die onderling door bogen waren verbonden en een betrekkelijk smal middenschip begrensden. Uit de loophoogte van de weergang en een brede sokkel op de rotswand blijkt dat de kapel al in zijn eerste bouwfase twee verdiepingen had. De bovenverdieping moet echter niet als onderdeel van de eigenlijke kapel worden gezien, maar veeleer als een soort emporium op dezelfde hoogte als de open zaal van de zaalbouw. Een mogelijke verbinding tussen de bovenetages van de zaalbouw en de kapel kon bij restauratiewerkzaamheden ni<\/span><span class=\"s4\">et duidelijk worden aangetoond.<\/span><\/p>\n<p>[\/vc_column_text][vc_empty_space height=&#8221;20px&#8221;][vc_single_image image=&#8221;57460&#8243; img_size=&#8221;large&#8221; alignment=&#8221;center&#8221; style=&#8221;vc_box_outline&#8221; border_color=&#8221;orange&#8221; css_animation=&#8221;zoomIn&#8221;][vc_text_separator title=&#8221;&#8221; i_icon_fontawesome=&#8221;fas fa-university&#8221; color=&#8221;custom&#8221; add_icon=&#8221;true&#8221; accent_color=&#8221;#fc0000&#8243;][\/vc_column][\/vc_row][vc_row][vc_column][vc_empty_space][vc_column_text]<\/p>\n<h3 class=\"s3\"><span class=\"s2\">De burcht aan het begin van de dertiende eeuw<\/span><\/h3>\n<p class=\"s3\"><span class=\"s4\">Begin dertiende eeuw werd de grafelijke residentie van Vianden verregaand verbouwd. In een eerste bouwfase werd een nieuw zaalbouw (10 x 30 m) aan de noordoostzijde van de rots opgericht. Boven de oude gracht uit de laat-Romeinse tijd werd een omvangrijke kelder in de rotsen uitgehouwen. Tegelijkertijd werd de bovenetage van de kapel aan de romaanse stijl van deze tijd aangepast. Deze beide grote bouwwerken \u2013 het ene met een wereldlijke, het andere met een sacrale functie \u2013 werden door een monumentale galerij verbonden, waarvan meerdere klaverbladvormige openingen tot op heden bewaard zijn gebleven. Deze representatieve gebouwen werden op \u00e9\u00e9n lijn geplaatst, met de hoofdfa\u00e7ades naar het noordoosten. De woongebouwen \u2013 die slechts ten delen bewaard zijn gebleven \u2013 waren op het zuidwesten gericht. We moeten hier kort stilstaan bij twee belangrijke vondsten, aan de hand waarvan de bouwtijd van deze drie representatieve bouwwerken vrij precies gedateerd kon worden. In de bovenste kapel werd samen met de resten van een kroonlijst ook een steigerbalk gevonden, waarvan de jaarringen op 1196 wijzen. Dendrochronologische datering van een zware balk van een schoorsteenmantel in het nieuwe Grote Zaalbouw leverde het jaartal 1203 op. Op grond van deze aanwijzingen kunnen we ervan uitgaan dat deze bouwfase aan het einde van de twaalfde eeuw begon met de oprichting van de kapel en dat de grote uitbreidingsfase kort na 1200 werd afgesloten met de bouw van het nieuwe zaalbouw.<\/span><span class=\"s4\">In dezelfde tijd of mogelijk enkele jaren later werd een toren op een achthoekig grondplan in de voormalige voorburcht aan het zuidelijke uiteinde van de rots opgericht. Ook deze toren werd op \u00e9\u00e9n lijn met de representatieve gebouwen (zaalbouw, galerij, kapel) van de bovenburcht geplaatst.<\/span><span class=\"s4\">Een toegangspoort met decoratieve elementen waaruit de belangrijke positie ervan binnen het complex kan worden afgeleid, werd door de ringmuur rond de voorburcht gestoken. Een tweede, eveneens gedecoreerde voetgangersdoorgang (<\/span><span class=\"s6\">poterne<\/span><span class=\"s4\">) gaf toegang tot de voorburcht en verving de oude doorgang die bestemd was voor voetgangers uit het dorp beneden. Uit dit architectonische concept blijkt dat de bouwheer duidelijk geneigd was tot monumentaliteit en dat hij de Burcht Vianden nu veeleer als heerserspaleis zag dan louter als een vestingcomplex. De bouwheer van deze laatste belangrijke romaanse fase was ongetwijfeld Frederik III, een trouwe vazal van de Hohenstaufen.<\/span><\/p>\n<p>[\/vc_column_text][vc_empty_space height=&#8221;20px&#8221;][vc_single_image image=&#8221;57459&#8243; img_size=&#8221;large&#8221; alignment=&#8221;center&#8221; style=&#8221;vc_box_outline&#8221; border_color=&#8221;orange&#8221; css_animation=&#8221;zoomIn&#8221;][vc_text_separator title=&#8221;&#8221; i_icon_fontawesome=&#8221;fas fa-university&#8221; color=&#8221;custom&#8221; add_icon=&#8221;true&#8221; accent_color=&#8221;#fc0000&#8243;][\/vc_column][\/vc_row][vc_row][vc_column][vc_empty_space][vc_column_text]<\/p>\n<h3 class=\"s3\"><span class=\"s2\">De burcht tussen het einde van de dertiende en het begin van de zeventiende eeuw<\/span><\/h3>\n<p class=\"s3\"><span class=\"s4\">Overeenkomstig de smaak van de periode werd de Burcht Vianden halverwege de dertiende eeuw geheel in gotische stijl verbouwd. Alle representatieve gebouwen \u2013 het Grote Pal<\/span><span class=\"s4\">a<\/span><span class=\"s4\">s, de monumentale <\/span><span class=\"s4\">g<\/span><span class=\"s4\">alerij, de burchtkapel \u2013 werden met hoge trapgevels uitgerust. De woontoren werd uitgebreid, en tegen de noordwesthoek van <\/span><span class=\"s4\">de <\/span><span class=\"s4\">Grote <\/span><span class=\"s4\">Zaalbouw<\/span><span class=\"s4\"> werd een nieuw woongebouw, <\/span><span class=\"s4\">het zogenaamde <\/span><span class=\"s4\">\u2018<\/span><span class=\"s4\">Oud Gulikse<\/span><span class=\"s4\">\u2019 <\/span><span class=\"s4\">huis <\/span><span class=\"s4\">aangebouwd. Ook deze groep van gebouwen werd met gotische daken bekroond. In dezelfde tijd werden twee torens aan het noordwestelijke bastion toegevoegd. Het was in deze tijd dat de Burcht Vianden het kenmerkende silhouet kreeg dat het complex tot aan de vorige eeuw zou beheersen. Tijdens deze verbouwingen werden alle plafonds in de representatieve gebouwen van gewelven voorzien.<\/span><span class=\"s4\">De ringmuur van de voorburcht werd in zuidwestelijke richting verlengd om de toegangspoort naar het <\/span><span class=\"s4\">kasteel <\/span><span class=\"s4\">beter te beschermen. Deze grote verbouwingen vonden plaats onder Hendrik I, graaf van Vianden en Namen. Op een door Mathias Merian vervaardigde ets is de Burcht Vianden kort v\u00f3\u00f3r 1620 te zien, bijna drie eeuwen na de laatste grote bouwfase, die het hoogtepunt van de politieke macht van de graven van Vianden markeerde.<\/span><\/p>\n<p>[\/vc_column_text][vc_empty_space height=&#8221;20px&#8221;][vc_single_image image=&#8221;57458&#8243; img_size=&#8221;large&#8221; alignment=&#8221;center&#8221; style=&#8221;vc_box_outline&#8221; border_color=&#8221;orange&#8221; css_animation=&#8221;zoomIn&#8221;][vc_text_separator title=&#8221;&#8221; i_icon_fontawesome=&#8221;fas fa-university&#8221; color=&#8221;custom&#8221; add_icon=&#8221;true&#8221; accent_color=&#8221;#fc0000&#8243;][\/vc_column][\/vc_row][vc_row][vc_column][vc_empty_space][vc_column_text]<\/p>\n<h3 class=\"s3\"><span class=\"s2\">De burcht in de vroegmoderne tijd en de afbraak<\/span><\/h3>\n<p class=\"s5\"><span class=\"s4\">Tegen het einde van de dertiende eeuw kwam het Huis Vianden onder leenheerschap van de graven van Luxemburg en verloor het snel zijn vooraanstaande positie. Na de dood van gravin Mari<\/span><span class=\"s4\">a<\/span><span class=\"s4\"> van Sponheim en Vianden, de laatste telg uit het geslacht Vianden, in 1417, kwam het graafschap (met de burcht) in bezit van de Ottoonse tak van het Huis van Oranje-Nassau. Met het verdwijnen van het geslacht Vianden waren de bouwwerken van dit huis hun representatieve functie kwijt en werden de meeste pronkvertrekken omgebouwd tot grote opslagruimten (begin vijftiende eeuw). Toen in de eerste helft van de zeventiende eeuw in het midden van de burcht ten behoeve van de beheerders twee nieuwe woongebouwen \u2013 in de bronnen als \u2018Nassause Vertrekken\u2019 aangeduid \u2013 werden opgericht, had Vianden al lang zijn vooraanstaande politieke positie verloren. Tijdens de gestage neergang van deze voormalige grafelijke residentie werden alle middeleeuwse gebouwen van de voorburcht met de grond gelijk gemaakt en door nieuwe bouwwerken <\/span><span class=\"s4\">bestemd <\/span><span class=\"s4\">voor landbouw en vakmanschap<\/span> <span class=\"s4\">vervangen (stallen, metaalwerkplaats, brouwerij, wachtershuisjes). In augustus 1820 verloor de burcht ook zijn laatste glans, toen het complex op een openbare veiling werd aangekocht door de burger Wenzel Coster uit Vianden. Na de aankoop begon de nieuwe eigenaar meteen met de afbraak van de bouwwerken en de verkoop van het bouwmateriaal (met name de draagbalken van de daken en voorraadkamers alsook het lood en koper van de dakgoten).<\/span><\/p>\n<p>[\/vc_column_text][vc_empty_space height=&#8221;20px&#8221;][vc_single_image image=&#8221;57457&#8243; img_size=&#8221;large&#8221; alignment=&#8221;center&#8221; style=&#8221;vc_box_outline&#8221; border_color=&#8221;orange&#8221; css_animation=&#8221;zoomIn&#8221;][vc_text_separator title=&#8221;&#8221; i_icon_fontawesome=&#8221;fas fa-university&#8221; color=&#8221;custom&#8221; add_icon=&#8221;true&#8221; accent_color=&#8221;#fc0000&#8243;][vc_empty_space height=&#8221;20px&#8221;][\/vc_column][\/vc_row][vc_row][vc_column][vc_single_image image=&#8221;57453&#8243; img_size=&#8221;large&#8221; alignment=&#8221;center&#8221; style=&#8221;vc_box_outline&#8221; border_color=&#8221;orange&#8221; onclick=&#8221;img_link_large&#8221; css_animation=&#8221;zoomIn&#8221; title=&#8221;Mathias Merian 1643&#8243;][vc_empty_space height=&#8221;20px&#8221;][vc_text_separator title=&#8221;&#8221; i_icon_fontawesome=&#8221;fas fa-university&#8221; color=&#8221;custom&#8221; add_icon=&#8221;true&#8221; accent_color=&#8221;#fc0000&#8243;][\/vc_column][\/vc_row][vc_row][vc_column][vc_column_text]<\/p>\n<div id=\"content\" class=\"content\" role=\"main\">\n<div class=\"vc_row wpb_row vc_row-fluid dt-default\">\n<div class=\"wpb_column vc_column_container vc_col-sm-12\">\n<div class=\"vc_column-inner\">\n<div class=\"wpb_wrapper\">\n<div class=\"wpb_text_column wpb_content_element \">\n<div class=\"wpb_wrapper\">\n<p><b>R\u00e9daction \/ Dessins: John Zimmer<br \/>\nMus\u00e9e National d\u2019Histoire et d\u2019Art, Luxembourg<br \/>\nService des Sites et Monuments nationaux, Luxembourg<\/b><\/p>\n<\/div>\n<\/div>\n<\/div>\n<\/div>\n<\/div>\n<\/div>\n<\/div>\n<aside id=\"sidebar\" class=\"sidebar sticky-sidebar is-affixed\">\n<div class=\"sidebar-content\"><\/div>\n<\/aside>\n<p>[\/vc_column_text][\/vc_column][\/vc_row]<\/p>\n<\/div>","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>[vc_row][vc_column][vc_empty_space][vc_column_text] De laat-Romeinse vesting De rots boven het plaatsje Vianden werd voor het eerst in de laat-Romeinse tijd versterkt. Bij opgravingen die in 1994 aan de voet van de burchtkapel werden verricht, bleek uit vondsten in een secundaire laag dat opstaande delen van het muurwerk van de laat-Romeinse vestingtoren nog tot in de Merovingische tijd&hellip;<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"parent":0,"menu_order":0,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","meta":{"footnotes":""},"class_list":["post-57448","page","type-page","status-publish","hentry","description-off"],"translation":{"provider":"WPGlobus","version":"3.0.0","language":"nl","enabled_languages":["de","fr","gb","nl"],"languages":{"de":{"title":true,"content":true,"excerpt":false},"fr":{"title":true,"content":true,"excerpt":false},"gb":{"title":true,"content":true,"excerpt":false},"nl":{"title":true,"content":true,"excerpt":false}}},"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/castle-vianden.lu\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/57448","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/castle-vianden.lu\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/pages"}],"about":[{"href":"https:\/\/castle-vianden.lu\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/types\/page"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/castle-vianden.lu\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/castle-vianden.lu\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=57448"}],"version-history":[{"count":40,"href":"https:\/\/castle-vianden.lu\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/57448\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":59805,"href":"https:\/\/castle-vianden.lu\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/57448\/revisions\/59805"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/castle-vianden.lu\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=57448"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}